Programma
Tijdens de opleiding leer je stap voor stap alles wat je nodig hebt als doktersassistent. Eerst maak je kennis met belangrijke thema’s, zoals nieren en urinewegen en het hart- en vaatstelsel. Daarnaast komen onderwerpen aan bod zoals loopbaan en burgerschap, REN-vakken en BPV-opdrachten.
Vervolgens breid je je (medische) kennis verder uit en pas je deze direct toe tijdens je stage. Zo leer je meer over het menselijk lichaam, bijvoorbeeld huid, spieren, hart en bloedvaten, en doe je steeds meer praktijkervaring op in een echte zorgomgeving.
Fase 1: week 1 t/m 10 – theorie
Je leert de theoretische basis en maakt kennis met het vak. Na deze fase kun je meedraaien in de praktijk tijdens je stage.
- 2 dagen per week fysiek onderwijs
- +/- 1,5 dag per week zelfstudie (dit is per persoon verschillend)
Fase 2: week 11 t/m 48 – theorie & praktijk
Je leert hoe je patiënten professioneel ontvangt, medische handelingen uitvoert en de huisarts ondersteunt. Leren en doen gaan hand in hand.
- 2 dagen per week stage in een huisartsenpraktijk of gezondheidscentrum
- 1 dag per week fysiek onderwijs
- +/- 1,5 dag per week zelfstudie (dit is per persoon verschillend)
- De opleiding wordt afgesloten met praktijkexamens en een eindgesprek waarin je jouw opgedane kennis en vaardigheden kunt aantonen
Stage
Het tweede deel van de opleiding bestaat uit een stage in een huisartsenpraktijk. Je bent zelf verantwoordelijk voor het vinden van een geschikte stageplek. De meeste stageplekken bieden een stagevergoeding, maar dit verschilt per praktijk. Bespreek dit daarom altijd met je stageplek.